Home pag.      christelijke-antwoorden.nl

De parabel van de beker

Het hierna volgende is een parabel, bedoeld, niet om een accurate beschrijving te geven van bijbelse gebeurtenissen, maar het is een poging om de liefde van Jezus voor ons aanvoelbaar te maken. Om de gebeurtenissen wat dichter bij te brengen zodat we kunnen aanvoelen wat er is gebeurd.


Het is vroeg in de zomer en het is al enige dagen prachtig weer. Je bent een stukje gaan lopen na het ontbijt en gaat op een park bank zitten, genietend van de voege middag-zon. Je droomt wat weg en denkt aan wat er de afgelopen tijd met je gebeurd is, hoe je geloof is gegroeid, je denkt aan de tijd die je bid en aan je redding. Je vraagt jezelf af, zou ik ooit kunnen begrijpen wat Jezus voor me heeft gedaan? Terwijl je daar over nadenkt, zonder dat je jervan bewust bent veranderd je omgeving. Je bent nu op een marktplein en zit aan de rand op een bankje. Je kunt het niet goed plaatsen, het lijkt alsof je zo'n slordige honderd jaar terug in de tijd bent. Wat verderop staan enkele oude mannen met elkaar te praten. Aan de klanken leid je af dat het een ruw gesprek is. Je blik dwaalt af, wat verder naar rechts en ziet een jonge vrouw met haar kindje. Je word vertederd door het schouwspel. Je ziet hoe zacht en liefdevol ze omgaat met haar kindje. Je volgt het schouwspel een tijdje.

Dan ineens veranderd er iets, ze kijkt op en je ziet afkeer op haar gezicht, je volgt haar blik, naar die mannen van zojuist. Ze staan te rochelen en spuwen in een koperen kan die op de grond staat. Waarschijnlijk gebruiken ze pruimtabak, maar waarom moet dat zo smerig? Na een tijdje merken ze de vrouw op en ze lachen wat. Even staan ze te smoezen, een van hen pakt de kan op en loopt op de vrouw af. Zodra hij bij haar is grijnst hij en zegt: Wil je 200 gulden verdienen? Als je het kind deze kan leeg laat drinken dan krijg je 200 gulden. Hij kijkt haar verwachtingsvol aan. Ook jij kijkt naar haar, je ziet haar wit worden en vervolgens geeft ze over, een hele golf over de kleren van de man die voor haar staat. Vloekend loopt hij weg.

Je voelt je duizelig en onwel, alles begint te draaien om je heen en je vraagt je af wat dit te betekenen heeft.

Na een tijdje word het weer rustig in je hoofd, je bent nu ergens anders, je voelt je klein. Je ziet iets maar het duurt even voor je enigszins kunt bevatten wat het is. Je ziet een zee als van glas, met vuur gemengd en daarachter een troon. Daarop zit iemand als een Mensenzoon, gekleed in een gewaad dat tot de voeten reikte, en met een gouden gordel om zijn borst. Zijn hoofdhaar is wit als sneeuwwitte wol en zijn ogen vlammen als vuur. Zijn voeten zijn als koperbrons dat in de oven is gegloeid. Vol ontzag en met stomheid geslagen sta je als aan de grond genageld. Hij schijnt je niet op te merken. Na een tijdje word je zijn emotie gewaar. Eerst was je overweldigd door de grootsheid en macht die hij uitstraalde maar nu zie je dat hij ergens met afschuw naar kijkt. Je volgt zijn blik en draait je om, om te zien waar hij naar kijkt. Je ziet de aarde en de mensen die daarop zijn. Je ziet ook de mensen in hun huizen, alles wat ze doen en de helderheid waarmee je ziet is schokkend. Toch duurt het even voor je beseft wat je ziet dat de mensen doen. Je ziet egoïsme, afgoderij, mensen die zichzelf verontreinigen met occultisme en hekserij, overspel, mensen die hun kinderen verwaarlozen, moord, verkrachting kindermisbruik, kinderen die hun ouders verachten, mensen die geen eten hebben, gierigheid, hebzucht en diefstal, leugens manipulatie overheersing en vele andere van deze dingen. Je voelt je misselijk worden, je keel word droog, je krijgt de neiging om over te geven.

Je kijkt terug naar de Mensenzoon en je ziet tranen over zijn gezicht lopen. Dan hoor je een stem als de donder, hij lijkt te komen van de linker-zijde van Jezus, je kunt daar niet zien, je hoort alleen de stem. In de stem bemerk je verdriet en verontwaardiging, en je verstaat wat Hij zegt tot de mensen op de aarde:

De beker van uw zonden zult u drinken, de beker die zo diep en zo wijd is en zoveel kan bevatten. U wordt het mikpunt van spot en schande. In een roes van verdriet zult u raken. De beker bevat verbijstering en verwoesting. U zult hem tot op de bodem uitdrinken, hem aan scherven bijten en met die scherven uw borsten openhalen. Ik heb gesproken.

Je kijkt terug naar de aarde en je weet dat deze mensen hun dood tegemoet gaan. De rillingen lopen over je rug, je voelt de verwantschap, op een vreemde manier voel je liefde voor die mensen alsof ze je broer en je zus zijn. De Mensenzoon spreekt nu, Hij zegt: Mijn kinderen, ze gaan verloren door gebrek aan kennis, geen enkele zal uit zichzelf vrij van zonden kunnen zijn en hier naartoe kunnen komen. Niet een.

Het is een tijd stil en dan zegt Hij, Ja Vader, ik zal voor hen de beker met hun zonden drinken, laat de gevolgen van al hun zonden op mij komen zodat zij kunnen leven.

Het is weer een tijd stil, dan hoor je weer de stem als de donder spreken. Hij Zegt, Zoon, je weet dat slechts weinigen je offer zullen aannemen! Velen zullen volharden in hun zonden. De Mensenzoon heeft zijn blik nog steeds op de aarde gericht, en Hij zegt: mijn besluit staat vast, ik ga.

Het duurt even voor je beseft wat er gezegd is, je kijkt weer naar de mensen op de aarde en je begint te beven, het is net of je de omvang van hun zonden beseft, tegelijk voel je liefde voor hen en medelijden voor hun verloren staat. Je voelt het bloed door je hoofd stromen en je ziet de sterren voor je ogen. Dan val je achterover en je verliest het bewustzijn.

Als je weer bij komt lig je in het gras, je blijft even liggen en ziet dat je onder olijfbomen ligt. Je staat op en loopt langzaam tussen de bomen door. Verderop zit iemand voorover gebogen op de grond. Als je voorzichtig dichterbij komt merk je dat hij Bid, zijn stem verraad dat hij bang is en je ziet het zweet van zijn gezicht lopen. Voorzichtig kom je dichterbij, je ziet de zweetdruppels op de stenen, ze zijn... rood? Je verstaat nu ook wat hij zegt, je hoort: Vader, neem alstublieft deze beker van mij weg, maar toch, laat niet mijn wil gebeuren maar die van U.

Je denkt terug aan wat je de mensen zag doen op de aarde, je denkt aan de heiligheid van Jezus, zijn afschuw van de zonde, de zonde in de beker die zwart is als de dood. Je denkt aan de vrouw op het marktplein, hoe ze reageerde toen die man haar die vuiligheid aanreikte. Langzaam begint het tot je door te dringen hoe vunzig die beker met zonden voor Jezus moet zijn.

Je volgt de gebeurtenissen en loopt mee als Jezus word weggevoerd. Niemand lijkt je op te merken.

Als je bij het kruis staat zie je hoe de zonden van de mensen Jezus langzaam de dood in trekt. Je hoort hoe de mensen om je heen Hem belachelijk maken en je voelt je opnieuw onpasselijk worden. Dan hoor je Hem zeggen: “Vader, waarom hebt U me verlaten?” Je denkt aan wat die zonden met Hem gedaan hebben en je realiseert je dat de zonde de Vader en Jezus gescheiden hebben. Waarom zien die mensen niet wat er gebeurd? Zijn ze soms blind? Je wild schreeuwen maar je hoort jezelf niet, opnieuw word het je teveel, alles word zwart en je het lijkt alsof je achterover in een diep gat valt.

Het lijkt wel alsof er dagen voorbij zijn gegaan. Als je weer bij komt zit je tegen een boom, de ochtend zon schijnt op je gezicht en er loopt een vrouw voorbij. Ze schijnt gehaast te zijn. Als je haar volgt kijk je even recht in de zon, dan lijkt de zon zich in tweeën te delen. Je staat op en als je wat opzij loopt om de vrouw te kunnen zien, zie je een open graf, en...?? een engel, helder als de zon. Je hoort hem zeggen: Waarom zoekt u de levende bij de doden?








Home pag.